Schools In Music ♪

Hoi! Leuk dat je er bent!

Trombonepagina

Aan het laden...

Nog even geduld...


De Trombone
 
De trombone stamt af van de bazuins. Vroeger werden daar vooral signalen mee doorgegeven.
De trombone bestaat uit een langer rechte koperen buis. De buis loopt aan het eind uit in de beker. De trombone heeft een heldere en stralende klank.
De buis heeft verschillende standen. De standen bepalen de toon. In totaal zijn er zeven standen.
De trombone valt onder de groep koperinstrumenten. De trombone komt voor in de harmonie, fanfare en brassband.

De trombone bestaat uit drie grote delen:
1. Het mondstuk.
2. Een vaste buis met een beweegbare buis erom heen.
3. De beker.
Daarnaast heeft de trombone ook nog:
4. Een stembuis.
5. Een schuifdop.
6. Een balancer.
7. Een schuifslot.
8. Een waterklepje.

Het mondstuk van de trombone zit er niet aan vast en moet je er los in zetten.
Door het mondstuk tegen je mond aan te houden en met je lippen te gaan trillen, krijg je er geluid uit.
De beker is groot. De beker zorgt ervoor dat het geluid harder wordt. Het is een soort versterker.
Om de vast buis zit een beweegbare buis. Door deze uit te schuiven, verander je de toonhoogte. Je hebt zeven posities.
Het glijden van de ene toon/ positie naar de andere heet glissando.

Bespelen
 
1. Leg de koffer neer met de beker naar links.
2. Maak open.
3. Haal mondstuk uit de koffer.
4. Pak de schuif.
5. Laat je mondstuk in je schuifopening zakken en draai deze een kwartslag.
6. Pak de beker en bevestig deze aan de schuif.
7. Draai de ring aan.
8. Schuif de stembuis een beetje omhoog.
9. Doe je duim van je linkerhand achter het buisje achter de beker, je wijsvinger omhoog en de andere vingers achter het buisje dat je schuif en je mondstuk verbindt.
10. Je rechterhand. Pak het buisje van de schuif vast met duim, wijs- en middelvinger. Je ringvinger en pink komen om de onderste buis.
11. Plaats het instrument op je linkerschouder. Laat het recht naar voren wijzen.

Onderhoud
 
Is je mondstuk vies?
Vraag dan aan je ouder(s) of zij het mondstuk kunnen uitkoken.
1. Zet water op en breng het aan de kook.
2. Schenk het kokende water in een beker en voeg je mondstuk erbij.
3. Haal het daarna er voorzichtig uit.
Pas op: het mondstuk is heet! Tip: laat je mondstuk even “schrikken” met koud water.
4. Droog je mondstuk daarna met een schone theedoek.
 
Schuift de beweegbare buis niet soepel over de vast buis?
Verwijder de buitenschuif. Ga met een schone tissue langs de binnenschuif. Smeer vervolgens wat buisvet op je binnenschuif.
Pak je buitenste buis en schuif je ingesmeerde buis erin. Ga enkele keren heen en weer.
Als je dat hebt gedaan, doe je het nogmaals voor de tweede buis. De buitenkant van de trombone kun je goed schoonmaken met een zachte stofvrije doek.
 
Let op:
Doe dit alles pas zelf als je weet hoe het moet, anders is er een grote kans dat je instrument daarna niet meer werkt. Vraag het anders aan je instructeur.

Video's


Brassband
In een brassband komen de volgende instrumenten voor:

- Koperen blaasinstrumenten:
escornet, cornet, bugel, althoorn, bariton, euphonium trombone, bastrombone, bastuba (es- of besbas).

- Slagwerk: pauken, kleine trom, grote trom, bekkens, triangel, tom-toms, gong, klokkenspel, xylofoon, vibrafoon, marimba, buisklokken en klein slagwerk.

Fanfare
In een fanfare-orkest komen de volgende instrumenten voor:

- Houten blaasinstrumenten:
sopraansaxofoon, altsaxofoon, tenorsaxofoon en baritonsaxofoon

- Koperen blaasinstrumenten:
bugel, hoorn, escornet/ estrompet, trompet, bariton/ ephonium, trombone, bastuba (es- of besbas)

- Slagwerk:
pauken, kleine trom, grote trom, bekkens, triangel, tom-toms, gong, klokkenspel, xylofoon, vibrafoon, marimba, buisklokken en klein slagwerk. - Eventueel aanvullende instrumenten zoals een contrabas, harp, piano of basgitaar.

Harmonie
In een harmonie-orkest komen de volgende instrumenten voor:

- Houten blaasinstrumenten:
piccolo, fluit, hobo, althobo, esklarinet, klarinet, altklarinet, basklarinet, fagot, altsaxofoon, tenorsaxofoon en baritonsaxofoon.

- Koperen blaasinstrumenten:
hoorn, trompet, bariton/ euphonium, trombone en bastuba (es- of besbas).

- Slagwerk:
pauken, kleine trom, grote trom, bekkens, triangel, tom-toms, gong, klokkenspel, xylofoon, vibrafoon, marimba, buisklokken en klein slagwerk. - Eventueel aanvullende instrumenten zoals een contrabas, harp, piano of basgitaar.